link naar homepage   abonneer op P+
 

Zaadteler Nunhems bestrijdt kinderarbeid in India

Lezers geven P+ een 8

De meeste lezers geven P+ het rapportcijfer 8. Of het nu om de inhoud gaat, de leesbaarheid, de fotografie of de vormgeving. Meer dan de helft van de lezers geeft P+ aan anderen door.

Kinderarbeid in India is een hardnekkig fenomeen. De Nederlandse zaadbedrijven Advanta en Bejo maken zich er schuldig aan. Dat het ook anders kan laat het eveneens Nederlandse bedrijf Nunhems zien. Meer dan een half miljoen Indiase kinderen onder de 18 werken op afgelegen velden in de productie van katoen- en groentezaden. Iets minder dan de helft is jonger dan 14. Volgens de Indiase wet mogen kinderen onder de 14 niet werken. De arbeidsomstandigheden zijn gevaarlijk vanwege het gebruik van bestrijdingsmiddelen. De werktijden zijn extreem lang en de lonen laag. Dit blijkt uit een gezamenlijke studie van de India Werkgroep, het International Labour Rights Forum en Stop Kinderarbeid: School, de beste werkplaats.


child labour cotton

De hybride zaden worden op basis van contractteelt geproduceerd door kleine en marginale familiebedrijven voor grote multinationals als Dupont, Bayer, Monsanto en Syngenta, maar ook voor Indiase bedrijven. Volgens het rapport Growing up in Danger Fields maakt onder meer het Nederlandse zaadbedrijf Bejo, met een meerderheidsbelang in de Indiase teler Bejo Sheetal Seeds, zich aan kinderarbeid schuldig. Manager Kees Mosch zegt tegen de Volkskrant van niets te weten en het te gaan uitzoeken. "Wij wijzen kinderarbeid af. Wij hebben echter geen zicht op wat er gebeurt bij alle bedrijven in India waaraan we werk uitbesteden." Advanta, dochteronderneming van het Indiase United Phosphoros, wast de handen eveneens in onschuld.

Volgens het rapport is het Nederlandse bedrijf Nunhems, dochteronderneming van Bayer, er sinds 2007 in geslaagd de kinderarbeid voor kinderen onder de 14 substantieel terug te dringen. In de deelstaat Karnataka onderzocht Davuluri Venkateswarlu 12 bedrijven die hete peperzaden voor Nunhems produceren. Vier daarvan deden dat zonder kinderarbeid en op de overige acht trof hij zestien kinderen aan. Gemiddeld werkten er tussen de nul en 16 procent kinderen op de bedrijven die voor Nunhems produceren, een laag percentage vergeleken bij het gemiddelde van 24 tot 38 procent. Bij tomatentelers in Karnataka trof de onderzoeker bij vijf van de dertien Nunhem-producenten geen kinderen aan en bij de overige acht dertien. Ook hier scoort Nunhem beter dan de concurrentie.

Nunhems heeft een zero tolerance beleid ten aanzien van kinderarbeid, zegt woordvoerster Claudia Steger. "Wereldwijd moeten al onze telers een contract tekenen dat ze geen kinderen onder de veertien jaar voor zich laten werken. We hebben een monitoringprogramma, waarbij we de velden onaangekondigd laten bezoeken, enkele keren per seizoen. Als we toch kinderen aantreffen, krijgt de teler een waarschuwing. Als hij de situatie niet verandert, wordt hij uit het teeltprogramma gezet. Telers die kunnen aantonen geen gebruik te maken van kinderarbeid krijgen een financiële bonus. Verder communiceren we in de dorpen dat school voor kinderen heel belangrijk is."

Het rapport Growing up in Danger Fields is gebaseerd op data uit 490 boerenbedrijven in 45 dorpen in 6 districten in 3 Indiase deelstaten. In Karnataka werken circa 90 duizend kinderen in de productie van zaden, in Maharashtra 44 duizend en in Gujarat 19 duizend. De meeste kinderen (bijna 40 procent) werken in de teelt van hete pepers.

P+ webtip: Danger Fields (PDF)



Een bericht van Han van de Wiel

Goed T-shirt
Goed T-shirt (€ 24,95)
     
Abonneer op gratis nieuwsbrief
abonneer op P+

Gemeenten in arme landen (PDF)

"Nederlanders geven graag af op de overheid. Maar wat als het huisvuil op straat blijft liggen, als er geen veilig drinkwater is, of als er, na een forse regenbui, een halve meter water in je huis staat?"

Zo begint het voorwoord van Annemarie Jorritsma-Lebbink, burgemeester van Almere maar ook voorzitter van de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG). En voor deze VNG maakte P+ een Special waarin wordt uitgezocht wat Nederlandse gemeenten doen om gemeenten in arme landen te helpen bij problemen die wij inmiddels wel zo'n beetje hebben opgelost.

Mevrouw Jorritsma: "Dat doen ze met weinig geld en veel resultaat, hebben onderzoekers vastgesteld. Deze vorm van ontwikkelingssamenwerking is effectief en duurzaam, hebben onderzoekers van de Universiteit van Utrecht en Amsterdam vastgesteld."

Voorbeelden die aan de orde komen? Het opzetten van een goede vuilophaaldienst, het goed registreren van landbezit en het goed heffen van belastingen. De PDF telt 20 pagina's.