De consument van nu heeft nauwelijks enig idee meer wat de oorsprong van een product is. Wie denkt daar over na, bij het kopen van een badhanddoek? In het nieuwe nummer van P+ komen de gezichten tevoorschijn van de hoofdrolspelers, in alle schakels van een keten die begint bij een bolletje katoen in Mali. Van de Afrikaanse katoenboer N’Koro Bagayogo tot aan de Nederlandse hotelmanager Kees Teer. De eerste staat aan het begin van een gegarandeerd schoon landbouwproduct, zowel Max Havelaar als biologisch gecertificeerd. De laatste presenteert de handdoekjes subtiel in een fair trade kamer in het Dorint hotel op Amsterdam-Schiphol. De coverstory “Keten van Katoen” is de eerste aflevering in een serie waarin P+ productieprocessen onderzoekt en alle facetten op het gebied van People, Planet en Profit beschrijft. De PDF is gratis te downloaden. De fotografie is van Bob van Rooijen.
Katoen is een van de meest vervuilende landbouwgewassen op aarde. Denken we. Maar dat hoeft niet. P+ brengt een keten in kaart die keurig schoon is. De katoenboeren in het Afrikaanse Mali vallen niet dood tussen de struiken neer. Ze spuiten geen gif meer. Ze verdrogen niet hun omgeving, maar gebruiken alleen hemelwater. En de hotelgast in Nederland droogt zich uiteindelijk af met een Fairtrade badhanddoek.
Aan Kees Teer (1959) zal het niet liggen, dat niet alle hotels in Nederland overstappen op lakens en dekbedovertrekken van Fairtrade-katoen, kussenslopen, handdoeken, washandjes, badjassen. Hij zag de katoenboertjes in Mali hun pluisbolletjes oogsten en was verkocht. Dit is voor hem een zaak die het waard is om voor te vechten. In zijn vier sterren Dorint hotel op Schiphol-Oost richtte hij een Fairtrade kamer in, waar ook alle drankjes een label hebben, de zakjes thee, de koffie, alle vruchten op de fruitschaal, de nootjes. Voor de dames is er zelfs zoet en exotisch Mongozo-bier in de mini-bar. Op de foto boven het bed loopt een katoenboer in prachtig warm avondlicht door zijn witte oogst. Ja, het is nog maar één kamer en hij heeft er 442, maar hij denkt al aan uitbreiding. Een etage. Maar bovenal stookt hij zijn collega-hoteliers op beurzen op om zijn voorbeeld te volgen. Hij ontvangt media, biedt journalisten aan een nachtje in deze kamer te slapen, om het eens uit te proberen. Hij oogst zo heel wat free-publicity.
Teer houdt al net zo min van onpersoonlijke hotels als ervaren reizigers. “Je biedt een combinatie aan van comfort en herkenning. Wie uit het raam kijkt ziet een begroeid groen dak, of de wilde patiotuin. Maar vooral de slaapervaring, die is belangrijk. Bij andere hotels is dat vaak de sluitpost, als al het geld al is uitgegeven aan de lobby en de aankleding. Bij ons is het een extra investering. Mij overkomt het dat gasten me vragen of ze het matras kunnen kopen. Ik heb hier zo ontzettend lekker geslapen. Dat wil ik thuis ook, zeggen ze dan.”
Voor de Fairtrade kamer koos hij voor een matras van Coco-Mat, de Grieks-Nederlandse firma die alleen natuurlijke materialen als paardenhaar verwerkt. Iets harder dan de andere matrassen, duurder ook, maar perfect passend in deze levende expositieruimte. “Ik bied vaste klanten deze kamer aan, voor de gewone prijs en vraag om commentaar te leveren.”
Wat Fairtrade-ambassadeur Teer het liefste zou willen, na zijn bezoek aan Mali? “Dat de lakens daar ter plekke gemaakt worden. Het moet toch mogelijk zijn daar een weverij neer te zetten?”
P+ webtip: P+ over Keten van Katoen
Een bericht van Jan Bom